Thamnophis melanogaster canescens

Thamnophis melanogaster canescens (Smith 1942); de Mexicaanse Zwartbuik Kousebandslang

Algemeen

Thamnophis melanogaster canescens, volwassen vrouw uit het Cuitzeo meer, Michoacan, Mexico.De Mexicaanse Zwartbuik Kousebandslang is een hele bijzondere kousebandslang. Qua uiterlijk wijkt hij sterk af van de meeste andere soorten kousebandslangen. Hij heeft een spitse kop, gladde glimmende schubben, is vrij kort en plomp van bouw. De soort komt uitsluitend voor in Mexico en er zijn een viertal ondersoorten beschreven, te weten Thamnophis melanogaster melanogaster, Thamnophis melanogaster canescens, Thamnophis melanogaster chihuahuaensis en Thamnophis melanogaster linearis.

De ondersoorten zijn lastig te onderscheiden zeker indien de precieze herkomst van de dieren niet bekend is.

Thamnophis melanogaster canescens,volwassen man uit het Cuitzeo meer, Michoacan, Mexico.Net als de Thamnophis eques ondersoorten (waarmee T.m.canescens op veel locaties in centraal Mexico samen voorkomt)  is deze soort nog een vrij zeldzame verschijning in de kousebandslangen hobby, en Thamnophis melanogaster canescens is hoogstwaarschijnlijk de enige ondersoort die in Europa wordt gehouden. In de Engelstalige literatuur kom je deze soort vrij veel tegen en het is ongetwijfeld de best onderzochte soort onder de in Mexico voorkomende soorten kousebandslangen.

Lengte en lichaamsbouw van Thamnophis melanogaster canescens.

Thamnophis melanogaster canescens, melanistische man uit het meer van Chapala, Jalisco, Mexico.Het is een vrij kleine soort kousebandslang.
Maximum lengte die in de literatuur (Rossman, Siegel & Ford, 1996) wordt genoemd bedraagt 86,4 cm.

De meeste volwassen dieren zijn echter niet veel groter dan 50 – 60 cm en 70 cm is voor een vrouwtje al een forse lengte.
Met name de vrouwtjes zijn relatief zwaar gebouwd.

Beschrijving van Thamnophis melanogaster canescens

Thamnophis melanogaster canescens, juveniel uit het Cuitzeo meer, Michoacan, Mexico.Kleur en tekening is bij deze ondersoort erg variabel en veel exemplaren zijn veel mooier dan de beperkte afbeeldingen die je in de literatuur tegenkomt. De dieren kunnen een (meestal vage) rugstreep hebben en bij sommige dieren zie je ook de zijstrepen. Er zijn ook ongestreepte exemplaren. Ze kunnen uniform van kleur zijn, en ze kunnen ook vrij zwaar gevlekt zijn.

De buik van deze slang kan variëren van geel , groen, zwart, oranje tot knalrood. Indien de buik niet compleet zwart is (dit is alleen het geval bij de melanistische dieren) is er meestal een zwarte vlek in het midden van elke buikschub. In T.m.canescens is deze doorlopende streep op de buik meestal afwezig of dun , in andere ondersoorten kan deze streep heel breed zijn.
Thamnophis melanogaster canescens, melanistische man uit het meer van Chapala, Jalisco, Mexico.Gregory et al. (1983) maakt melding van een populatie uit het Cuitzeo meer waar de variabiliteit enorm is: de dieren kunnen grijs, groen, rood, oranje, roze of geel zijn, ongevlekt of juist met grote vlekken en gestreept of ongestreept. En dit in alle mogelijke combinaties.  Rode exemplaren komen zeker niet alleen in het meer van Cuitzeo voor. Zelf heb ik ook rode dieren waargenomen in het meer van Chapala (Bol, 2011) en het meer van Cajititlan. Tevens heb ik zeer fraaie uniform zwarte exemplaren gezien in het meer van Chapala (Bol, 2011).  Melanistische dieren waren voor zover ik heb kunnen nagaan nog niet bekend uit de literatuur.

Terrarium

Thamnophis melanogaster canescens, juveniel uit het Cuitzeo meer, Michoacan, Mexico.Mexicaanse Zwartbuik Kousebandslangen doen het erg goed in het terrarium. Vanwege hun beperkte grootte is het aan te raden een groot terrarium te bouwen met als minimum maat voor een volwassen koppel 70 x 50 x 50 cm, maar 100 x 50 x 50 cm is beter. Ze zijn prima te houden in een kurkdroog terrarium met een waterbak om te drinken en in te zwemmen. Lokale temperaturen mogen plaatselijk op 30 – 35 °C uitkomen. In het terrarium zie je de volwassen dieren zeker in de winter en voorjaar overdag regelmatig zonnen, maar als het terrarium erg warm is houden ze zich graag verscholen. Ze zijn daarbij erg schuw. Je moet vaak de kamer insluipen om de dieren waar te kunnen nemen.

Naarmate de slangen ouder worden zijn ze vaak continu in het zicht, zonnend op een stronk. Veel dieren verliezen dan ook alle schuwheid als ze wat ouder worden en eten zelfs uit de hand.

Thamnophis melanogaster canescens, juveniel uit het Cuitzeo meer, Michoacan, Mexico.Hun zicht is zeer goed en ze kunnen dan ook uitstekend op zicht onder en boven water jagen. Ze zijn vaak opvallend snel en precies tijdens het voeren. Het zijn makkelijke eters die probleemloos dode vis accepteren.
Een winterrust is niet absoluut noodzakelijk, maar het is waarschijnlijk dat ze in de natuur wel een rustperiode kennen met een lagere activiteit. Een koude periode (met vnl. lagere nachttemperaturen) in het terrarium van 2 – 3 maanden zal echter voldoende zijn om de dieren gezond te houden en er mee te kweken.

Thamnophis melanogaster canescens, juveniel uit het Cuitzeo meer, Michoacan, Mexico.Tot op heden geef ik deze dieren nauwelijks een winterrust. Maar de slangen zijn in de wintermaanden duidelijk minder actief, zonnen weinig en eten meestal maanden niet. Daarbij moet gezegd worden dat de nachttemperaturen in mijn slangenkamer ’s winters ‘s nachts kunnen dalen tot 8 – 12 °C. Ik houd mijn volwassen dieren in een kurkdroog terrarium met een ruime waterbak. Deze soort is in tegenstelling tot de meeste kousebandslangen ook prima te houden in een aqua-terrarium met een zeer ruim watergedeelte en slechts in een hoek een (kurkdroog) landgedeelte welke verwarmd wordt door een sterke lamp tot 30 – 35 °C. In een dergelijk biotoop terrarium zal het natuurlijke gedrag van deze sterk aquatische soort goed tot uiting komen. En zijn ze over het algemeen nog beter zichtbaar. Momenteel verzorg ik een groepje subadulten in een dergelijk aqua-terrarium en dat gaat erg goed.

De jongen worden bij mij in het terrarium geboren in mei, juni of juli.

Verspreiding en habitat van T.m.canescens

Biotoop van Thamnophis melanogaster canescens: het meer van Chapala, Jalisco, Mexico.Thamnophis melanogaster canescens is te vinden van 1158 – 2545 meter boven zeeniveau. Of ze in de natuur een echte winterrust kennen is niet echt bekend. Zelf heb ik deze dieren eind november nog actief en etend waargenomen op verscheidene plaatsen in Mexico.

Biotoop van Thamnophis melanogaster canescens: het meer van Cajititlan, Jalisco, Mexico.

 

 

Hun habitat bestaat uit grote vulkanische meren (Chapala, Cuitzeo, Magdalena, Cajititlan, Zacapu) waar ze voorkomen samen met Thamnophis eques. Maar ze komen ook voor in kanalen en kleine riviertjes. Je vindt ze altijd dicht bij of in het water.  Zo lang de temperatuur overdag maar boven de 19 – 20 ºC uitkomt (wat op veel plaatsen in hun verspreidings gebied het geval is) vertonen ze activiteit in de wintermaanden.

Care sheet

Thamnophis melanogaster canescens, aan een kant blind exemplaar uit het meer van Cajititlan, Jalisco, Mexico.Het recente artikel over Thamnophis eques scotti (Bol & Bruchmann, 2012) wat online te vinden is op deze website kan prima dienen als leidraad (caresheet) hoe je deze ondersoort kan verzorgen en hoe je er succesvol mee kan kweken.  Ik houd deze soort veelal samen met Thamnophis eques (zie de kopjes met de verschillende Thamnophis eques ondersoorten). In de natuur ben ik deze twee soorten op meerdere plaatsen altijd samen tegengekomen. Het is dus een natuurgetrouwe combinatie van soorten.

Kweekgroep

Variatie in buiktekening worp pasgeboren T.melanogaster canescensIk heb kweekgroepen (bestaande uit (nakweek van) 9 onverwante wildvang exemplaren) afkomstig van verschillende locaties (het Cuitzeo meer en de meren van Chapala en Cajititlan). Dit geeft de mogelijkheid jongen te kweken van onverwante ouders zonder gevaar op inteelt. Gezien de enorme variatie in kleur en tekening is dit een erg geschikte soort voor degene die gericht op kleur of tekening wil proberen te kweken. Ik kweek deze soort sinds 2007 en heb kweekprogramma’s opgezet gericht op zwarte, rode en grijs-groen gevlekte exemplaren.

Literatuur:
Bol, S., 2011. Fascinerende waarnemingen aan twee sympatrisch voorkomende kousebandslangen in “La Laguna de Chapala”, Mexico . Litteratura Serpentium 31(1): 5-42.
Bol, S. & H. Bruchmann, 2012. Scott’s Mexican Garter Snake (Thamnophis eques scotti; Conant, 2003) in the wild and in captivity. ( Part 1 of 2). The garter snake 17 (3): 15-25.
Bol, S. & H. Bruchmann, 2012. Scott’s Mexican Garter Snake (Thamnophis eques scotti; Conant, 2003) in the wild and in captivity. ( Part 2 of 2). The garter snake 17 (24-31): 16-27.
Gregory, P.T., L.A. Gregory and J.M. Macartney, 1983. Color-pattern variation in
Thamnophis melanogaster. Copeia 1983:530-534
Rossman, D.A., N.B. Ford & R.A. Siegel, 1996. The Garter Snakes. Evolution and ecology. University of Oklahoma Press, Norman.

Search on Yahoo Images, etc...Search on Wikipedia Search on Google Scholar Search on Flickr