Nerodia

Nerodia soorten…

Taxonomie (wetenschappelijke indeling)

Nerodia sipedon insularumHet geslacht van Nerodia (waterslangen) behoort (samen met o.a. het geslacht van Thamnophis en het geslacht van Natrix) tot de familie van Colubridae en de subfamilie Natricinae.

Algemeen

Nerodia rhombifer rhombiferDe groep van Noord-Amerikaanse Waterslangen (Nerodia spp.) bevat relatief zwaargebouwde slangen die hoofdzakelijk voorkomen in vochtige en aquatische biotopen en die leven van prooien die in en bij water voorkomen, voornamelijk vissen en amfibieën. De meeste soorten zijn zeer aquatisch, hoewel van enkele soorten bekend is dat ze zich tijdens regenachtig weer kilometers ver over het land kunnen verplaatsen.  De meeste soorten bereiken makkelijk een maximum lengte van 120 cm of zelfs langer. De vrouwen van sommige soorten bereiken soms zelfs totale lengtes van 150-176,6 cm. N.taxipilota is de grootste soort. Slechts 2 soorten (Nerodia harteri en N.clarkii) blijven onder de 1 meter totale lengte.

Soorten

Momenteel worden er 9 verschillende soorten en 24 verschillende ondersoorten erkend binnen het geslacht van Nerodia (Gibbons & Dorcas , 2004). Nerodia clarkii, N. cyclopion, N.erythrogaster, N.fasciata, N.floridana, N.harteri, N.rhombifer, N.sipedon en N.taxispilota.

Verspreiding

Nerodia rhombifer Noord-Amerikaanse Waterslangen komen alleen voor in Noord en Midden Amerika, maar de kern van hun verspreidingsgebied is het zuidoosten van de Verenigde Staten. Nerodia sipedon is de meest noordelijk voorkomende soort die ook het zuidoosten van Canada heeft bereikt.
2 soorten, te weten  N.erythrogaster en N.rhombifer komen het meest zuidelijk voor, tot in Mexico. N.clarkii komt ook voor in het noorden van Cuba. De meeste soorten beperken zich tot lager gelegen gebieden. Nerodia sipedon bereikt hoogtes tot 1463 meter. De vertegenwoordigers van geslacht Nerodia kunnen gevonden worden in uiteenlopende aquatische biotopen zoals moerassen, kleine stroompjes, grote rivieren, grote meren en zelfs zout en brakwater habitats.

Beschrijving

Nerodia sipedon insularumDe meeste soorten zijn bruin of olijfgroen of een combinatie van deze kleuren met een vaak bruine of zwarte tekening. Gele of crème kleurige tinten komen vaak voor. Een enkele soort of ondersoort heeft rode of roodbruine tinten.  Ze bezitten ogen met ronde pupillen. De schubben zijn sterk gekield waardoor ze vaak een ruw of mat uiterlijk hebben. Soorten zoals N. fasciata en N. sipedon hebben een sterk gebandeerde tekening, terwijl andere soorten (zoals N.taxispilota) een fraaie bloktekening vertonen. Anderen, zoals N. rhombifer bezitten een netvormige of diamantvormige tekening. Een enkele (onder)soort, zoals N. sipedon insularum is vrijwel ongetekend. Strepen komen binnen het geslacht van Nerodia maar zelden voor en slechts enkele exemplaren van N.clarkii zijn gestreept.

Literatuur:
Gibbons, J.W. & M. E. Dorcas, 2004. North American Watersnakes. A natural history. University of Oklahoma Press, Norman. 1-438.